Nieuwe patiënten vinden als zorgverlener, binnen de regels

In de zorg mag je niet zomaar reclame maken, en dat is maar goed ook. Maar je mag wél gevonden worden. Wie duidelijk uitlegt wat je doet, voor wie en hoe een eerste afspraak verloopt, zit meestal goed binnen de regels en wint tegelijk het vertrouwen van nieuwe patiënten.

Hoe patiënten bij jou terechtkomen

Bijna elke nieuwe patiënt komt via een van deze wegen:

  • Een doorverwijzing. De huisarts, een specialist of een collega geeft je naam. Vaak zoekt de patiënt je daarna nog even op, om te zien waar je zit en hoe je een afspraak maakt.
  • Zelf zoeken. “Diëtist Aalst”, “logopedist kinderen Gent”. Het kaartje van Google Maps en je website beslissen dan wie gebeld wordt.
  • Mond-tot-mond. Een vriendin, een collega, een andere ouder aan de schoolpoort. Ook die patiënt zoekt je daarna online op.

Bij alle drie speelt hetzelfde moment: iemand zoekt je naam of je beroep op, en beslist in een halve minuut of hij belt. Op dat moment wil je duidelijk, rustig en betrouwbaar overkomen.

Wat de regels zeggen, in het kort

De kwaliteitswet van 2019 legt voor alle gezondheidszorgbeoefenaars vast hoe je over je praktijk mag communiceren. Wat je vertelt, moet waarheidsgetrouw, objectief, relevant, verifieerbaar en wetenschappelijk onderbouwd zijn. Patiënten ronselen mag niet, je mag mensen niet aanzetten tot onderzoeken of behandelingen die ze niet nodig hebben, en je vermeldt je beroepstitels. Bovenop de wet kan je beroepsvereniging of deontologische code nog eigen afspraken hebben.

Concreet betekent dat: informeren mag, overtuigen met beloftes niet. “Ik begeleid kinderen met taal- en spraakproblemen” is informatie. “De beste logopedist van de regio, resultaat gegarandeerd” is reclame die je beter niet maakt. Meer uitleg, met voorbeelden: de regels voor zorgverleners.

1. Je Google Bedrijfsprofiel

Voor wie zelf zoekt, is het kaartje van Google vaak het eerste wat ze zien. Een volledig profiel is pure informatie en past dus perfect binnen de regels:

  • De juiste categorie: het beroep waarvoor patiënten je zoeken.
  • Je consultatie-uren, en of je ook op huisbezoek gaat.
  • Toegankelijkheid: gelijkvloers, lift, parking in de buurt.
  • Een paar rustige foto’s van je praktijk en de ingang, zodat mensen weten waar ze moeten zijn.

Werk je op meer dan één plek, in een groepspraktijk of aan huis? Zorg dat het adres en de uren op Google overeenkomen met wat op je website staat. Het hele stappenplan: je gratis etalage op Google Maps.

2. Een website die de vragen vóór de eerste afspraak beantwoordt

Een nieuwe patiënt is vaak een beetje onzeker. Hoe meer van zijn vragen je website al beantwoordt, hoe lager de drempel om te bellen. Dit zijn de vragen die we het vaakst zien:

  • Is dit iets voor mij? Voor wie je werkt (kinderen, volwassenen, sporters, ouderen) en bij welke klachten of vragen mensen bij je komen.
  • Heb ik een voorschrift nodig? En wat als ik er geen heb?
  • Wat kost het, en krijg ik iets terug? Je tarieven, of je geconventioneerd bent als dat voor jouw beroep bestaat, en wat het ziekenfonds terugbetaalt. Duidelijke prijzen zijn geen reclame, het is informatie waar patiënten recht op hebben.
  • Hoe verloopt de eerste keer? Hoe lang het duurt, wat je meebrengt, wat er gebeurt.
  • Hoe maak ik een afspraak? Bellen, mailen of online boeken, en hoe lang de wachttijd ongeveer is.

Twijfel je over je tarief per sessie? De behandelprijs-tool rekent het voor je uit, vertrekkend van je kosten en je uren.

Let op je woorden

Het verschil tussen informatie en reclame zit vaak in één woord. Een paar voorbeelden:

Liever nietWel
“Wij genezen je rugpijn”“Begeleiding bij rugklachten”
“De beste podoloog van de regio”“Podoloog in Lokeren, ook voor diabetische voeten”
“Snel en blijvend resultaat”“Na de eerste afspraak maken we samen een plan”
“Nu met 20% korting op je eerste sessie”“Een eerste sessie duurt 60 minuten en kost € …”

Twijfel je over een tekst? Plak hem in de gratis tekstcheck. Die wijst zinnen aan die te ver kunnen gaan, en stelt een rustiger versie voor.

3. Wie patiënten naar je doorverwijst

In de zorg is een doorverwijzing goud waard: de patiënt komt met vertrouwen binnen. Dit zijn per beroep de mensen die het vaakst doorverwijzen:

Je beroepWie verwijst door
PodoloogHuisartsen, orthopedisten en kinesitherapeuten, diabetesteams
KinesitherapeutHuisartsen, orthopedisten en sportartsen, sportclubs
DiëtistHuisartsen, diabetesteams en endocrinologen, kinesitherapeuten
LogopedistHuisartsen en kinderartsen, scholen en CLB’s, NKO-artsen
PsycholoogHuisartsen, psychiaters, scholen en CLB’s
VroedvrouwGynaecologen, huisartsen, kraamzorgdiensten

Een doorverwijzer wil vooral drie dingen weten: wat je precies doet, hoe snel een patiënt bij je terechtkan, en of hij iets terughoort. Een kort kennismakingsbericht of een bezoekje met je kaartje werkt beter dan een folder. En stuur na een doorverwijzing een korte terugkoppeling, met toestemming van je patiënt. Wie iets terughoort, verwijst opnieuw door.

Zorg ook dat je op de zoeklijst van je beroepsvereniging staat, als die er een heeft. Artsen en patiënten gebruiken die om iemand in de buurt te vinden.

4. Reviews: laat ze komen, vraag ze niet

Voor een kapper of een schilder is een review vragen de normaalste zaak. In de zorg ligt dat anders. Een review zegt vaak iets over iemands gezondheid, en wie een patiënt om een getuigenis vraagt, zet hem in een lastige positie. Wij raden daarom af om patiënten actief om reviews te vragen. Komen ze vanzelf, des te beter.

Antwoorden op een review mag, maar je beroepsgeheim blijft gelden, ook online. Bevestig niet dat iemand je patiënt is en ga nooit in op een behandeling. “Dank je voor je bericht, fijn om te lezen” is genoeg. Bij een kritische review: “Jammer dat je dit zo ervaren hebt. Bel gerust naar de praktijk, dan bekijken we het samen.” Meer over reviews in het algemeen: reviews vragen.

5. Je kennis delen

Uitleg geven is geen reclame, en het is de beste manier om te tonen dat je weet waarover je praat. Een paar ideeën die binnen de regels blijven:

  • Korte artikels op je website over vragen die je elke week hoort. “Wanneer ga je met je kind naar een logopedist?” “Wat doet een podoloog bij diabetes?” Zo vinden mensen je ook via Google.
  • Een praatje op een ouderavond, in een sportclub of bij een seniorenvereniging.
  • Samenwerken in de buurt: een eerstelijnszone, een huisartsenkring of een netwerk rond een doelgroep. Daar leer je de doorverwijzers kennen.

Hou dezelfde toon als in je praktijk: rustig, correct, zonder beloftes, en verwijs waar nodig naar de huisarts.

6. Een afspraak maken zonder te bellen

Tijdens een sessie neem je niet op, en veel patiënten zoeken ’s avonds. Online boeken of een eenvoudig aanvraagformulier vangt die mensen op. Zet er een herinnering de dag ervoor bij: die doet veel tegen gemiste afspraken. Hoe je daarmee omgaat, ook wat je mag aanrekenen: no-shows voorkomen.

Waar je deze week begint

  1. Kijk je Google Bedrijfsprofiel na: categorie, uren, adres en toegankelijkheid.
  2. Zet je tarieven en de terugbetaling duidelijk op je website.
  3. Haal je teksten door de tekstcheck.
  4. Stuur twee doorverwijzers uit de tabel een kort kennismakingsbericht.

Een website die al die vragen beantwoordt, met teksten die we samen met jou binnen de regels houden: website voor zorgverleners.

Nagekeken in oktober 2026 in de wet van 22 april 2019 inzake de kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg (artikel 31). Regels kunnen intussen veranderd zijn, en je beroepsvereniging kan strengere afspraken hebben. Dit is algemene uitleg, geen juridisch advies.

Gratis AI-check

Hier wat aan gehad? Kijk hoe ver je zaak staat met AI.

Twaalf vragen, drie minuten: je ziet hoe Google en AI-assistenten je zaak zien, en waar je tijd laat liggen. Gratis en zonder account.